Tikkertje?

| | |

De laatste tijd voelt mijn hoofd een beetje zwaar. Niet gek gezien de thema's die me bezighouden. armoede, ongelijkheid, de groeiende kloof in de stad. Urgente debatten waarin de toon snel kan omslaat van samen verantwoordelijkheid dragen naar verwijten en vingerwijzen. Ondertussen gaat het gewone leven door. Agenda's lopen vol, deadlines schuiven dichterbij en boodschappen worden duurder.
Laatst, tijdens een wandeling, moest ik glimlachen om een van mijn leukste herinneringen in Eindhoven. Zes jaar geleden fietste ik vanuit de stad terug naar huis. Op de Boschdijk, ter hoogte van het UWV-kantoor, haalde ik een onbekende man in. Even later haalde hij mij weer in. Hij keek me aan. Zijn blik herinner ik me niet meer, maar ik las er een uitnodiging in. 'Oh, je wilt een wedstrijd', riep ik. Dus haalde ik hém weer in.
Een paar honderd meter lang fietsten we elkaar steeds voorbij, lachend, zwaaiend, met uitgestoken tong, alsof we twee kinderen waren die dezelfde straat als speelplaats hadden gekozen. Tot ik mijn afslag moest nemen. Al fietsend bedankten we elkaar en zwaaiden. Onze wegen scheidden zich, letterlijk. Ik weet niet hoe hij heet, waar hij woont of op welke partij hij stemt. Waarschijnlijk kom ik hem nooit meer tegen. Toch speelt hij de hoofdrol in een van mijn leukste herinneringen. Twee onbekenden die elkaar niet hoefden te kennen om samen plezier te hebben. Simpeler wordt samenleven niet.
Er bestaat een landelijke buitenspeeldag. Voor kinderen. Maar waarom eigenlijk alleen voor kinderen? Wanneer zijn wij gestopt met spelen? Misschien zijn we te veel bezig met wat anderen van ons vinden. Of hebben we te veel aan ons hoofd: een zieke moeder, ongeopende rekeningen, de vraag of er nog genoeg geld is voor boodschappen. Juist daarom verlang ik soms naar iets totaal onbenulligs. Ik hoop dat er ooit spontaan straattikkertje ontstaat. lemand hoeft alleen maar te durven beginnen, zijn volwassenheid even te vergeten, met een glimlach een onbekende aan te tikken en weg te rennen. Jij bent 'm! Zullen mensen verbaasd zijn of snel doorlopen? Of rent er iemand achteraan? Sluit ook de student op weg naar college aan? De man in pak die over tien minuten een vergadering heeft?
Misschien staan we wat later met onbekenden buiten adem op straat. We weten niets van elkaar. Alleen dat we zojuist samen hebben gespeeld en nu een herinnering delen. Daarmee lossen we de armoede niet op. Een zieke moeder wordt niet beter en de stapel rekeningen verdwijnt niet. Maar misschien herinneren we ons iets wat we in al onze serieuze gesprekken soms vergeten: naast al onze verschillen zijn we ook gewoon mensen die elkaar kunnen tegenkomen. Zonder oordeel, zonder debat, zonder eerst te hoeven weten wie de ander is. Al is het maar voor een paar minuten. Lachend, buiten adem, volkomen in het moment.
Dus mocht er binnenkort iemand ineens op je schouder tikken, niet boos worden. Ren, want jij bent 'm!


LOUBNA BAKRA
Samenlevingsarchitect - Bibliotoop Woensel-Zuid, Coalitie Kapitaalkracht